Voorkomen dat e-mails aan Gmail-gebruikers worden geblokkeerd of gemarkeerd als spam

Dit artikel heette eerst Richtlijnen voor verzenders van bulkmail.

Volg de richtlijnen in dit artikel om te zorgen dat je berichten worden bezorgd in de inbox van Gmail. Met de tips in dit artikel kun je het risico verminderen dat Gmail je berichten blokkeert of je berichten markeert als spam.

Deze richtlijnen zijn bedoeld voor iedereen die e-mails stuurt naar Gmail-gebruikers. Een Gmail-gebruiker heeft een van deze Gmail-accounttypen:

  • Een persoonlijk Gmail-account dat eindigt op @gmail.com.
  • Een Gmail-account voor werk of school via G Suite. E-mailadressen van G Suite-accounts voor werk of school eindigen niet op @gmail.com.

Volg de richtlijnen in dit artikel om minder risico te lopen op het volgende:

  • Je verzendlimiet wordt beperkt door Gmail.
  • Je berichten worden geblokkeerd door Gmail.
  • Je berichten worden gemarkeerd als spam door Gmail.

Opmerking: Gmail accepteert geen verzoeken van afzenders van e-mails om op de witte lijst te worden gezet. We kunnen niet garanderen dat berichten door de spamfilters van Gmail komen.

Gebruik je een G Suite-account om e-mail te sturen? Lees het beleid ten aanzien van spam en misbruik van G Suite . Dit beleid is onderdeel van het beleid ten aanzien van acceptabel gebruik van G Suite.

Dit artikel biedt geen oplossingen voor de volgende problemen:

Als je een e-mailserviceprovider voor je domein gebruikt

Als je een e-mailserviceprovider gebruikt met je eigen domein, moet je controleren of de provider de richtlijnen in dit artikel volgt. Grote e-mailproviders, zoals Gmail, AOL en Yahoo, volgen over het algemeen deze richtlijnen.

Als je een domeinprovider gebruikt maar je eigen e-mailservice beheert, raden we je aan het volgende te doen:

  • Lees en volg de praktische tips in dit artikel om e-mails te sturen naar Gmail-gebruikers.
  • Gebruik Postmaster Tools om informatie te bekijken over berichten die vanuit je domein naar Gmail-gebruikers zijn gestuurd.

Praktische tips voor het sturen van e-mails naar Gmail

Als je minder risico wilt lopen dat berichten uit je domein worden gemarkeerd als spam of worden geblokkeerd door Gmail, volg je de algemene praktische tips in dit gedeelte.

Stel geldige reverse DNS-records van je IP-adressen in die naar je domein wijzen.

Stuur het liefst alle berichten vanaf hetzelfde IP-adres. Als je vanaf meerdere IP-adressen moet versturen, moet je verschillende IP-adressen gebruiken voor verschillende soorten berichten. Gebruik bijvoorbeeld één IP-adres voor het sturen van accountmeldingen en een ander IP-adres voor het sturen van promotieberichten.

Plaats niet verschillende soorten content in hetzelfde bericht. Voeg bijvoorbeeld geen content over toekomstige uitverkopen toe in berichten met aankoopbewijzen.

Berichten met dezelfde categorie moeten hetzelfde e-mailadres hebben in de Van-koptekst. Berichten van een domein met de naam je-bedrijf.net kunnen bijvoorbeeld de volgende Van-kopteksten hebben:

  • Aankoopbewijzen: bon@je-bedrijf.net
  • Promotieberichten: aanbiedingen@je-bedrijf.net
  • Accountmeldingen: meldingen@je-bedrijf.net

Controleer regelmatig of je domein niet is gemarkeerd als onveilig met Google Safe Browsing. Als je de status van je domein wilt controleren, voer je je domeinnaam in op de sitestatuspagina van Safe Browsing. Controleer elk domein dat aan je domein is gekoppeld.

Stuur geen voorbeelden van phishingberichten of testcampagnes vanuit je domein. De reputatie van je domein kan negatief worden beïnvloed en je domein kan worden toegevoegd aan lijsten met geblokkeerde domeinen.

Boots geen domeinen of afzenders na zonder toestemming. Dit wordt spoofing genoemd en kan ertoe leiden dat Gmail de berichten markeert als spam.

Ga als volgt te werk om te voorkomen dat geldige berichten als spam worden gemarkeerd:

  • Berichten waarvan het Van-adres in de contacten van de ontvanger staat, worden minder snel gemarkeerd als spam.
  • Soms worden geldige berichten gemarkeerd als spam. Ontvangers kunnen geldige berichten markeren als geen spam, waardoor toekomstige berichten van de afzender in de inbox worden bezorgd.

Zorgen dat je berichten zijn geverifieerd

Geverifieerde berichten worden minder vaak gemarkeerd als spam. Voor geverifieerde berichten geldt het volgende:

  • Ze zorgen dat ontvangers minder schadelijke e-mails, zoals phishingberichten, ontvangen.
  • Ze worden minder snel geweigerd of gemarkeerd als spam door Gmail.

Deze verificatiemethoden worden ingesteld bij je domeinprovider, niet binnen Gmail. Als je een domeinhostingservice of een e-mailprovider gebruikt, bekijk je de instructies van de provider om verificatie in te stellen. Stel verificatie in voor elk van je verzenddomeinen.

Stel de volgende verificatiemethoden in om zo min mogelijk risico te lopen dat je berichten worden gemarkeerd als spam:

  • Publiceer een SPF-record voor je domein. Met SPF voorkom je dat spammers ongeautoriseerde berichten sturen die afkomstig lijken te zijn uit je domein.
  • Schakel DKIM-ondertekening in voor je berichten. De ontvangstservers gebruiken DKIM om te verifiëren of de domeineigenaar het bericht daadwerkelijk heeft gestuurd. Belangrijk: Voor Gmail is een DKIM-sleutel van 1024 bits of langer vereist.
  • Publiceer een DMARC-record voor je domein. Met DMARC kunnen afzenders hun domein beschermen tegen e-mailspoofing.

SPF en DKIM verifiëren een bericht als de Van-koptekst van het bericht overeenkomt met het verzenddomein. Berichten moeten door de SPF- of de DKIM-controle komen om te worden geverifieerd.

E-mails sturen naar betrokken gebruikers

Stuur alleen e-mails naar gebruikers die ervoor kiezen je berichten te ontvangen en te lezen. Zij zullen berichten uit je domein minder snel markeren als spam.

Als berichten uit je domein vaak als spam worden gemarkeerd, loop je meer risico dat toekomstige berichten ook worden gemarkeerd als spam. Bovendien krijgt je domein zo een slechte reputatie.

Bekijk uitgebreide informatie over de reputatie van je IP-adres en je domein met Postmaster Tools.

Zorgen dat gebruikers zich abonneren

Gebruik deze methoden om te zorgen dat je e-mails naar betrokken gebruikers stuurt:

  • Zorg dat gebruikers zich aanmelden om e-mails van jou te ontvangen.
  • Bevestig het e-mailadres van elke ontvanger voordat je ze abonneert.
  • Overweeg regelmatig berichten te sturen om te controleren of gebruikers geabonneerd willen blijven.
  • Overweeg gebruikers af te melden die je berichten niet lezen.

Toestaan dat gebruikers zich afmelden

Bied gebruikers altijd een eenvoudige manier om zich af te melden voor je berichten. Als je gebruikers toestaat zich af te melden voor je berichten, kun je het openingspercentage, de klikfrequentie en de verzendefficiëntie verhogen.

Dit zijn enkele methoden waarmee gebruikers zich kunnen afmelden:

  • Voeg een duidelijk zichtbare link toe aan het bericht waarmee gebruikers naar een pagina worden geleid waarop ze zich kunnen afmelden.
  • Laat gebruikers de individuele mailinglijsten zien waarop ze zijn geabonneerd. Geef gebruikers de mogelijkheid zich af te melden voor individuele lijsten of alle lijsten tegelijk.
  • Meld gebruikers automatisch af als je meerdere keren een weigeringsbericht krijgt van hun adres.
  • Stuur gebruikers regelmatig een bevestigingsbericht om te controleren of ze je berichten nog steeds willen ontvangen.

Afmelden met één klik gebruiken

Zorg dat gebruikers zich met één klik kunnen afmelden in Gmail. Voeg een of beide van deze kopteksten toe aan je berichten:

List-Unsubscribe-Post: List-Unsubscribe=One-Click
List-Unsubscribe: <https://je-bedrijf.net/unsubscribe/example>

Als je beide kopteksten toevoegt, gebruikt Gmail de koptekst die als eerste wordt vermeld.

Als een gebruiker zich afmeldt met één klik, krijg je dit POST-verzoek:

"POST /unsubscribe/example HTTP/1.1
Host: je-bedrijf.net Content-Type: application/x-www-form-urlencoded Content-Length: 26 List-Unsubscribe=One-Click"

Meer informatie over List-Unsubscribe-kopteksten:

Wat moet je niet doen?

  • Schaf geen e-mailadressen aan bij andere bedrijven.
  • Stuur geen e-mails naar gebruikers die zich niet hebben aangemeld om berichten van jou te ontvangen. Deze ontvangers kunnen ongewenste berichten markeren als spam. Toekomstige berichten van je server naar deze gebruikers worden dan ook gemarkeerd als spam.
  • Gebruik geen aanmeldingsformulieren die standaard zijn aangevinkt, waardoor gebruikers automatisch worden geabonneerd. In bepaalde landen of regio's gelden beperkingen voor automatisch aanmelden. Controleer de wetten in je land of regio voordat je gebruikers automatisch aanmeldt.

Afzenders die je e-mailservice gebruiken controleren

Opmerking: Deze praktische tip is bedoeld voor e-mailproviders.

Als afzenders je e-mailservice gebruiken om e-mails te sturen, ben je verantwoordelijk voor de e-mailactiviteit van de afzender. Je moet het volgende doen:

  • Maak een e-mailadres waarop ontvangers misbruik kunnen melden (zoals misbruik@je-bedrijf.net).
  • Houd de contactgegevens in je WHOIS-record en op abuse.net up-to-date.
  • Verwijder meteen gebruikers of cliënten die spam sturen met je service.

Affiliate marketeers controleren

Affiliate-marketingprogramma's belonen bedrijven of individuelen die bezoekers naar je website leiden. Spammers kunnen dergelijke programma's echter ook gebruiken.

Als je merk wordt gekoppeld aan marketingspam, kunnen andere e-mails die je stuurt, ook worden gemarkeerd als spam. Het beste is dan ook om je partners te controleren en ze te verwijderen als ze spam versturen.

De juiste berichtindeling gebruiken

Deze richtlijnen voor de berichtindeling zorgen dat je berichten door Gmail eerder worden bezorgd in de inbox en niet worden gemarkeerd als spam:

  • Gebruik de Internet Format Standard (RFC 5322) in je berichten.
  • Als berichten in html-indeling staan, gebruik je de html-standaarden.
  • Gebruik geen html en css om content te verbergen in je berichten. Als je content verbergt, kunnen berichten worden gemarkeerd als spam.
  • Zorg dat er slechts één e-mailadres staat in de Van-kopteksten van een bericht, zoals in dit voorbeeld:
    Van: meldingen@je-bedrijf.net 
  • Zorg dat elk bericht een geldig koptekstveld met de bericht-ID bevat (RFC 5322).
  • Links in de hoofdtekst moeten zichtbaar en begrijpelijk zijn. Gebruikers moeten weten waar ze naartoe worden geleid als ze op een link klikken.
  • Gegevens van afzenders moeten duidelijk en zichtbaar zijn.
  • Het onderwerp van berichten moet relevant en niet misleidend zijn.
  • Deel internationale domeinen in volgens de streng beperkende richtlijnen in gedeelte 5.2 van de Unicode Technical Standard #39:
    • Verifiërend domein
    • Envelop Van-domein
    • Payload-domein
    • Antwoorddomein
    • Domein afzender

Het verzendvolume langzaam verhogen

Als je veel berichten stuurt, raden we je aan het volgende te doen:

  • Stuur e-mails volgens een consistent tempo. Stuur niet ineens veel e-mails tegelijk.
  • Begin met een laag verzendvolume en verhoog dit langzaam.
  • Terwijl je het verzendvolume verhoogt, moet je regelmatig de verzendsnelheid en eventuele reacties die je krijgt controleren. Zo kun je het verzendvolume verlagen als de verzendsnelheid wordt beperkt of als je foutmeldingen krijgt.

Terwijl je het verzendvolume langzaam verhoogt, kun je Postmaster Tools gebruiken om te zien of e-mails juist worden bezorgd.

Belangrijk: Als je het verzendvolume te snel verhoogt, kunnen er problemen optreden bij de bezorging.

Deze factoren zijn van invloed op hoe snel je het verzendvolume kunt verhogen:

  • De hoeveelheid gestuurde e-mails: Hoe meer e-mails je stuurt, hoe langzamer je het verzendvolume moet verhogen.
  • De frequentie van gestuurde e-mails: Je kunt het verzendvolume sneller verhogen als je dagelijks e-mails stuurt, dan als je wekelijks e-mails stuurt.
  • Feedback van ontvangers over je berichten: Zorg dat je alleen berichten stuurt naar gebruikers die zich hebben geabonneerd op je e-mails en geef gebruikers de mogelijkheid zich af te melden.

De richtlijnen voor IP-adressen volgen

Volg deze praktische tips voor e-mailservers die e-mails sturen naar Gmail-gebruikers:

De PTR-record van de verzendserver controleren

Belangrijk: Het IP-adres van het verzendadres moet overeenkomen met het IP-adres van de hostnaam die is opgegeven in de Pointer-record (PTR). PTR-records worden ook wel reverse DNS-records genoemd.

Het verzend-IP-adres moet een PTR-record hebben. Met PTR-records wordt gecontroleerd of de verzendhostnaam is gekoppeld aan het verzend-IP-adres. Elk IP-adres moet wijzen naar een hostnaam in de PTR-record.

Met de tool intoDNS kun je controleren of er een PTR-record is.

Het verzendvolume controleren

Belangrijk: Voor werk- en schoolaccounts gelden de verzendlimieten ook als de ontvangers zich in verschillende G Suite-domeinen bevinden. Je stuurt bijvoorbeeld e-mails naar gebruikers met e-mailadressen met de domeinen je-bedrijf.net en ander-bedrijf.com. De domeinen zijn anders, maar als beide domeinen google.com als MX-record hebben, tellen berichten die naar deze domeinen worden gestuurd mee voor de limiet.

Als je G Suite of Gmail gebruikt om e-mails te sturen: Als je de verzendlimiet hebt bereikt, beperkt G Suite de verzendsnelheid van berichten voor dat IP-adres.

Volg deze aanbevelingen om binnen de verzendlimieten voor IP-adressen te blijven:

  • Houd rekening met verzendlimieten voor e-mails als je e-mails stuurt vanuit een domein met de MX-host Google.com.
  • Stuur e-mails vanaf één IP-adres, gebaseerd op het domein met de MX-record, niet het domein in het e-mailadres van de ontvanger.
  • Controleer de reacties zodat je het verzendvolume kunt wijzigen om binnen de limieten te blijven.

De reputatie van gedeelde IP-adressen controleren

Een gedeeld IP-adres is een IP-adres dat door meer dan één e-mailafzender wordt gebruikt. De activiteit van alle afzenders op het gedeelde IP-adres heeft invloed op de reputatie van iedereen die het IP-adres gebruikt.

Als je een gedeeld IP-adres gebruikt om e-mails te sturen en een andere afzender een negatieve reputatie heeft, dan heeft dit ook negatieve gevolgen voor jouw reputatie. Een negatieve reputatie kan van invloed zijn op de leveringssnelheid van je berichten.

Als je een gedeeld IP-adres gebruikt om e-mails te sturen, raden we je aan de volgende stappen te volgen:

  • Controleer of het IP-adres niet op een lijst met geblokkeerde IP-adressen staat. Berichten van verzend-IP-adressen die op een lijst met geblokkeerde IP-adressen staan, kunnen worden gemarkeerd als spam.
  • Als je een e-mailserviceprovider voor je gedeelde IP-adres gebruikt, kun je de reputatie van het gedeelde IP-adres controleren met Postmaster Tools.

Postmaster Tools gebruiken om verzonden e-mails te controleren

Gebruik Postmaster Tools om informatie te bekijken over de e-mails die je naar Gmail-gebruikers hebt gestuurd, zoals:

  • Wanneer gebruikers je berichten hebben gemarkeerd als spam.
  • Waarom je berichten wellicht niet worden bezorgd.
  • Of je berichten zijn geverifieerd.
  • De reputatie van je domein of IP-adres en de invloed hiervan op de leveringssnelheid van berichten.

Problemen met e-mailbezorging oplossen

Als je een e-mailserviceprovider gebruikt

Als je een e-mailserviceprovider gebruikt en problemen ondervindt met de bezorging, neem je contact op met je provider. Vraag of ze de praktische tips in dit artikel gebruiken.

MX Toolbox gebruiken om domeininstellingen te controleren

Gebruik de G Suite Toolbox om de instellingen van je domein te controleren en eventuele problemen op te lossen.

Problemen met de bron van geweigerde e-mails oplossen

Als je berichten worden geweigerd, krijg je wellicht een foutmelding. Bekijk meer informatie over de fout zodat je het probleem kunt oplossen. Dit zijn enkele veelvoorkomende foutmeldingen:

  • 421, "4.7.0": Berichten worden geweigerd omdat het IP-adres van de verzendserver niet op de toegestane lijst staat voor het domein van de ontvanger.
  • 550, "5.7.1": Berichten worden geweigerd omdat het IP-adres van de verzendserver op een lijst met opgeschorte IP-adressen staat. Je kunt deze foutmelding zien als je e-mails stuurt via een gedeeld IP-adres met een slechte reputatie.

Meer informatie over foutmeldingen voor e-mail en SMTP:

IPv6-autorisatiefouten oplossen

Als je een IPv6-autorisatiefout krijgt, kan dit betekenen dat de PTR-record voor de verzendserver geen IPv6 gebruikt. Als je een e-mailserviceprovider gebruikt, controleer je of deze een IPv6 PTR-record gebruikt.

Dit is een voorbeeld van een IPv6-autorisatiefout:
550-5.7.1: Het bericht voldoet niet aan de IPv6-richtlijnen met betrekking tot PTR-records en verificatie.

De probleemoplossingstool gebruiken

Als je nog steeds problemen ondervindt met e-mailbezorging nadat je de richtlijnen in dit artikel hebt gevolgd, bekijk je Probleemoplossing voor afzenders met problemen met e-mailbezorging.

Was dit nuttig?
Hoe kunnen we dit verbeteren?