Feedbackloop

Als je regelmatig veel e-mail verstuurt, kun je de feedbackloop (FBL) gebruiken. Deze FBL kan worden gebruikt om campagnes in je e-mailverkeer te identificeren waarvoor veel klachten van Gmail-gebruikers worden ontvangen. De FBL is vooral nuttig voor e-mailproviders die er misbruik van hun services mee kunnen opsporen.

Opmerking: FBL-gegevens hebben alleen betrekking op ontvangers met een @gmail.com-adres.

How to implement the FBL

Senders will need to embed a new header called the Feedback-ID, consisting of parameters (called Identifiers) that uniquely identify their individual campaigns. Any Identifiers with an unusual spam rate and that might cause deliverability issues will be reported in the Postmaster Tools FBL dashboard.

Header format

Feedback-ID: a:b:c:SenderId

Feedback-ID: De naam van de kop die moet worden ingesloten.

a, b, c: Optionele velden waarmee maximaal drie ID's (campagne/klant/overig) door de afzender kunnen worden ingesloten.

SenderId: De verplichte unieke ID (van vijf tot vijftien tekens) die de afzender zelf kiest. Deze ID moet gelijk zijn in de hele e-mailstream.

About the data

Er worden cumulatieve gegevens gegenereerd voor de eerste vier velden van de feedback-ID (zoals gescheiden door ':'), beginnend vanaf de rechterkant. Als de afzender-ID leeg is, worden er geen gegevens gegenereerd. Als een ander veld leeg is, worden er gegevens gegenereerd voor de overige velden.

Omdat we misbruik van de feedback-ID willen voorkomen, moet het e-mailverkeer dat naar Gmail wordt verstuurd en van deze header is voorzien, ook een DKIM-ondertekening bevatten van een domein dat in het bezit is van (of wordt beheerd door) de afzender. Dit domein moet worden geverifieerd en aan Postmaster Tools van Gmail worden toegevoegd, zodat de afzender toegang kan krijgen tot de FBL-gegevens.

  • Afzenders moeten ervoor zorgen dat hun verkeer slechts één geverifieerde header bevat.
  • Afzenders moeten de IP-adressen die ze gebruiken om hun e-mail te verzenden, publiceren in de SPF-records van het domein waarmee ze deze e-mail ondertekenen. De voor de verzending gebruikte IP-adressen moeten over PTR-records beschikken en kunnen worden teruggeleid tot een geldige hostnaam (bij voorkeur een van de DKIM-domeinen).
  • FBL-rapporten voor het verkeer op een willekeurige dag worden alleen gegenereerd als een specifieke ID voorkomt in een bepaald aantal e-mails en in de verschillende spamrapporten van gebruikers.
  • De FBL-totaalgegevens worden voor elke ID afzonderlijk verzameld. Het is daardoor ook mogelijk om indien nodig minder dan drie ID's te gebruiken.
  • De afzender moet ervoor zorgen dat de ID's voor het verkeer op een willekeurige dag niet worden herhaald in verschillende velden, zodat er geen gegevens worden verzameld voor niet-gerelateerde ID's. Als je niet zeker weet of de ID-naamruimte uniek is, of als de afzender er de voorkeur aan geeft om de gegevens over twee ID's te verdelen, dan kan de hash van een van de ID's aan de andere worden toegevoegd.
  • Bij het kiezen van de ID mag de afzender geen parameters gebruiken die uniek zijn voor alle afzonderlijke e-mailberichten (bijvoorbeeld een unieke bericht-ID).

Hieronder een voorbeeld ter illustratie:

Feedback-ID: CampaignIDX:CustomerID2:MailTypeID3:SenderId

CampaignIDX: De campagne-ID die specifiek is voor Customer2 en die volledig uniek is (geen twee klanten hebben dezelfde campagne-ID).

CustomerID2: De unieke klant-ID.

MailTypeID3: De ID voor het type e-mail (bijvoorbeeld een nieuwsbrief versus een productupdate) die een unieke of gedeelde ID kan zijn voor verschillende klanten, afhankelijk van de manier waarop de afzender de gegevens wil kunnen bekijken.

SenderId: De unieke ID van de afzender die voor algemene statistieken kan worden gebruikt.

Als de ID's in het bovengenoemde geval een ongebruikelijke spamscore genereren, dan sturen we de spampercentages voor elk van de vier ID's afzonderlijk door.

Was dit nuttig?
Hoe kunnen we dit verbeteren?