Check de draden van je huidige thermostaat om na te gaan of je systeem geschikt is voor de Nest-thermostaat en met welke thermostaatmodellen het werkt.
Verwijder de afdekking van de thermostaat en voer de draden die je vindt in de compatibiliteitschecker in. De Nest- en Home-app laten je ook weten of je systeem geschikt is en geven je een bedradingsschema voor de installatie.
Soms hebben de draadaansluitingen van een thermostaat 2 labels of helemaal geen label. In zeldzame gevallen zit een draad misschien in de verkeerde thermostaataansluiting. Dit kan ertoe leiden dat je systeem niet goed werkt. Check daarom de besturingskaart van je systeem om de draden goed te identificeren.
Je kunt de thermostaatdraden op verschillende manieren herkennen:
Een foto maken van de bedrading van je huidige thermostaat
Maak altijd een foto van de bedrading van je huidige thermostaat voordat je deze van de muur verwijdert en een Nest-thermostaat installeert. Deze foto is een essentiële referentie om draden te herkennen en een Nest Thermostat correct te installeren.
Check dit artikel als je hulp nodig hebt om de afdekking van de thermostaat te verwijderen.
Contact opnemen met een lokale HVAC-professional
Een getrainde professional kan je snel vertellen welk systeem je hebt en de draden herkennen. De Nest Pro kan ook je Nest-thermostaat voor je installeren en instellen en al je vragen beantwoorden. Neem contact op met een lokale professional bij jou in de buurt om je systeem te laten onderhouden.
De besturingskaart van je systeem checken
De besturingskaart van je systeem checken is een zeer betrouwbare methode om te bepalen wat een onbekende draad is. De connectoren van de besturingskaart hebben meestal labels die je kunnen vertellen wat elke draad is als andere methoden niet handig zijn of niet werken.
De besturingskaart bevindt zich meestal in de brander of HVAC-apparatuur. Je moet misschien een paneel openen of verwijderen om de binnenkant te checken.
Belangrijk: Dit zijn geavanceerde stappen voor probleemoplossing. Je HVAC-systeem gebruikt hoogspanning, wat gevaarlijk kan zijn. Zorg dat je de stroom naar je systeem helemaal uitzet.
Neem contact op met een lokale professional als je hulp nodig hebt.
1. Zet de hoofdstroomtoevoer naar je systeem uit in de zekeringkast
Voordat je de stroom uitzet, check je of elke draad die naar je thermostaat komt, een andere kleur heeft. Als 2 of meer draden dezelfde kleur hebben, kun je ze aan de andere kant niet van elkaar onderscheiden. Neem contact op met een lokale professional.
Je systeem kan meerdere zekeringautomaten hebben. Zorg dus dat je ze allemaal uitzet voordat je verdergaat. Als de stroom naar je hele systeem is uitgezet, check je de brander en ventilator. Zorg dat er geen lampjes branden die aangeven dat je systeem nog steeds stroom krijgt.
-
Als er nog steeds lampjes branden op de brander of ventilator, krijgt je systeem misschien nog steeds stroom. Zet de hoofdstroomtoevoer naar je huis uit via de zekeringautomaat.
2. Check of de stroom uitstaat
- Zet de temperatuur op je thermostaat minstens 5 graden hoger om te proberen de ketel aan te zetten.
- Wacht minimaal 5 minuten om te checken of je systeem aangaat (je moet wachten omdat veel systemen een ingebouwde vertraging hebben).
- Zet de temperatuur op je thermostaat minstens 5 graden lager om de airco aan te zetten.
- Wacht minimaal 5 minuten om te checken of je systeem aangaat.
- Je weet dat de stroom uitstaat als je systeem niet aangaat. Je kunt luisteren of je systeem aangaat of voelen of er warme of koele lucht door de ventilatieopeningen in je huis komt.
3. Verwijder het paneel van je systeem
Als je zeker weet dat de stroom uitstaat, zoek je een afneembaar paneel op je systeem. Dit paneel kan een handgreep of vergrendeling hebben, of je moet een paar schroeven verwijderen. Raak de onderdelen in de brander niet aan. Sommige HVAC-apparatuur wordt gemaakt met grote condensatoren (elektrische componenten die een lading opslaan zoals een batterij).
Check de handleiding van je HVAC-systeem of neem contact op met een lokale professional bij jou in de buurt voor meer informatie over hoe je het paneel van je systeem verwijdert.4. Zoek de draadaansluitingen
Nadat je het paneel hebt verwijderd, zoek je de besturingskaart. Deze ziet eruit als een printplaat en heeft meestal veel draden. Op de besturingskaart vind je verschillende sets aansluitingen waaraan draden zijn bevestigd.
-
Als je hulp nodig hebt om de besturingskaart van je HVAC-systeem te vinden, check je de handleiding van je HVAC-systeem of neem je contact op met een lokale professional bij jou in de buurt.
Zoek naar connectoren met dezelfde labels als je thermostaat. Je kunt bijvoorbeeld labels tegenkomen zoals R, W, G, Y, C of O/B. Aan deze connectoren zitten draden die dezelfde kleur hebben als de draden die op je thermostaat zijn aangesloten.
Check de labels waar deze draden op de besturingskaart zijn aangesloten om te bepalen welk label elke draad op je thermostaat moet hebben.
Er kunnen labels zoals 1, 2, 3, 4 en A, B, C, D zijn of er kunnen helemaal geen labels zijn. Deze systemen werken niet met Nest-thermostaten. Check wat de draadlabels van je thermostaat betekenen.
5. Maak een foto van de draadaansluitingen
6. Sluit het paneel van je systeem
7. Gebruik de Nest- of Home-app om een bedradingsschema te openen
In de instructies in de verpakking staat welke app je moet gebruiken om het apparaat in te stellen: de Nest-app of de Google Home-app. Als je begint met instellen via de app, krijg je een aangepast bedradingsschema. Nu je een foto hebt van de draden die aan de besturingskaart zijn aangesloten, kun je deze gebruiken als referentie om de draden in de app in te voeren en te zorgen dat je bedradingsschema klopt voor de installatie.
Meer hulp bij draadlabels
-
Sommige thermostaten hebben draadaansluitingen met 2 sets labels: één voor conventionele systemen en één voor systemen met een warmtepomp. Je moet weten of je een warmtepomp of conventioneel systeem hebt, zodat je weet welke thermostaatlabels je tijdens de installatie van de thermostaat in de Nest-compatibiliteitschecker of de app moet invoeren.
-
Als je tijdens het instellen draden in de verkeerde aansluitingen van de thermostaat steekt, kan dit ertoe leiden dat je systeem niet goed werkt of beschadigd raakt.
Gebruik de draadkleur als richtlijn
Je kunt de meeste andere methoden in dit artikel gebruiken om te bepalen welke labels je moet gebruiken: check de handleiding van je systeem, neem contact op met een lokale professional of check de besturingskaart van je systeem.
De kleuren van thermostaatdraden kunnen variëren, maar je kunt de kleur soms ook gebruiken als richtlijn als een draad is aangesloten op de O/B-aansluiting van je thermostaat.
- Als de draad in de O/B-W-aansluiting oranje is: Je hebt waarschijnlijk een warmtepomp. (Check de afbeelding hierboven.)
- Als de draad in de O/B-W-aansluiting wit is: Je hebt waarschijnlijk een conventioneel systeem.
- Als je weet welk type systeem je hebt, voer je de labels voor het conventionele systeem of de warmtepomp in de compatibiliteitschecker in als je een Nest-thermostaat koopt, of in de Nest-app om een aangepast bedradingsschema voor de installatie te krijgen.
Korte overbruggingsdraden
|
Overbruggingsdraden verbinden 2 thermostaataansluitingen met elkaar (vaak Rc en Rh), maar zijn geen draden met 2 labels. Overbruggingsdraden zijn niet aangesloten op het systeem en lopen niet terug naar de muur. Nest-thermostaten gebruiken geen brugdraden
|
Als een of meer draden van je huidige thermostaat geen label hebben, moet je eerst bepalen welke draden aan je huidige thermostaat zijn aangesloten voordat je de Nest-thermostaat kunt installeren.
Je kunt de meeste andere methoden in dit artikel gebruiken om te bepalen welke labels je moet gebruiken: check de handleiding van je systeem, neem contact op met een lokale professional of check de besturingskaart van je systeem.
Belangrijk: De meeste systemen gebruiken niet alle draden in de bundel die uit de muur komt. Als draden oorspronkelijk niet waren aangesloten op je huidige thermostaat (en geen label hebben), zijn ze meestal niet aangesloten op je systeem. Sluit deze draden niet aan op je huidige thermostaat of Nest-thermostaat.Draden met het label B worden meestal aangesloten op de O/B-aansluiting van een Nest-thermostaat. Maar voor sommige systemen is de draad in de B-aansluiting van de thermostaat eigenlijk een C-draad (Common). C-draden moeten worden aangesloten op de C-aansluiting van de Nest-thermostaat.
Omdat de C-draad wordt gebruikt om de thermostaat een consistente stroomtoevoer te geven, is het belangrijk om te bepalen welke functie een draad met label B heeft voordat je deze aansluit op een Nest-thermostaat.
WAARSCHUWING: Als je een C-draad (Common) in een andere connector dan C op je Nest-thermostaat steekt, kan er een zekering in je HVAC-systeem doorbranden en/of kan de thermostaat beschadigd raken. Als je niet zeker weet welk type draad je hebt, raden we je sterk aan een lokale professional bij jou in de buurt te vinden.
- Check of je thermostaat een C-aansluiting heeft
Als je thermostaat naast een aansluiting met het label B ook een afzonderlijke aansluiting met het label C heeft, moet de draad in de B-aansluiting worden aangesloten op de O/B-aansluiting van de Nest-thermostaat, ongeacht of er een draad aan is bevestigd. - Als je een warmtepomp hebt
Als je een warmtepomp hebt en je thermostaat geen afzonderlijke draad met het label O heeft, moet de draad met het label B worden aangesloten op de O/B-aansluiting van de Nest-thermostaat. - Check de handleiding van je huidige thermostaat
Als je de handleiding van je huidige thermostaat hebt (of deze online kunt vinden), staat daar misschien de functie van de B-aansluiting. Zo kun je bepalen of deze is bedoeld voor een warmtepompdraad of een C-draad (Common). - Check de kleur van de B-draad
De kleuren van thermostaatdraden voldoen vaak niet aan de branchenormen, maar kunnen in bepaalde situaties een aanwijzing zijn. Als je thermostaat geen afzonderlijke aansluiting met het label C heeft en je niet zeker weet welk type systeem je hebt:- Een bruine draad is waarschijnlijk een warmtepompdraad en moet worden aangesloten op de O/B-aansluiting op de Nest-thermostaat.
- Als de B-draad blauw is, is deze waarschijnlijk aangesloten op de C-aansluiting.
Opmerking: Deze methode is niet waterdicht en moet worden gecontroleerd met een andere methode.
- Check de besturingskaart van je systeem
De meest betrouwbare manier om te bepalen wat de draad is, is door de besturingskaart van je systeem te checken. Volg de instructies in het volgende gedeelte.
Wat de labels op thermostaatdraden betekenen
Hieronder staan enkele draadlabels die je op je thermostaat kunt vinden en wat ze doen.
De app geeft je een aangepast bedradingsschema om de Nest-thermostaat te installeren. Check het volgende artikel voor stapsgewijze installatie-instructies.
De Nest-thermostaat installeren
Opmerking: Als je de bedradingslabels niet in dit artikel vindt, neem je contact op met een lokale professional.
Veelvoorkomende thermostaatdraden| Label | Beschrijving |
| R |
De R-draad is de stroomdraad voor je verwarmings- en koelsysteem. Als je maar één R-draad hebt (geen Rh of Rc), kun je de R-draad aansluiten op Rc of Rh op de Nest-thermostaat. Belangrijk: Sluit geen overbruggingsdraden aan op de Nest Thermostat.
|
| Rh |
Sommige HVAC-systemen, ook wel systemen met 2 transformatoren genoemd, gebruiken afzonderlijke voedingsbronnen voor verwarming en koeling (Rc en Rh). Als je zowel een Rh- als een Rc-draad hebt, heb je een systeem met 2 transformatoren. Als je een systeem met 2 transformatoren hebt, raden we je ten zeerste aan contact op te nemen met een lokale professional om schade aan je systeem te voorkomen. |
| Rc |
Sommige HVAC-systemen, ook wel systemen met 2 transformatoren genoemd, gebruiken afzonderlijke voedingsbronnen voor verwarming en koeling (Rc en Rh). Als je zowel een Rh- als een Rc-draad hebt, heb je een systeem met 2 transformatoren. Als je een systeem met 2 transformatoren hebt, raden we je ten zeerste aan contact op te nemen met een lokale professional om schade aan je systeem te voorkomen. |
| W of W1 | De W- of W1-draad regelt je verwarmingssysteem. |
| Y of Y1 |
In de meeste systemen regelt de Y- of Y1-draad je koelingssysteem. Als je een warmtepomp hebt, regelt de Y- of Y1-draad de compressor. De compressor is verantwoordelijk voor het verwarmen en koelen van je huis. |
| G of G1 | De G- of G1-draad regelt de ventilator. De ventilator duwt de warme of koele lucht door de ventilatieopeningen naar de ruimtes in je huis. |
| O/B |
Warmtepompsystemen gebruiken een omschakelklep die wordt geregeld door de O/B-draad. De omschakelklep geeft je systeem aan wanneer het moet wisselen tussen verwarmen en koelen. Wat je moet doen als je systeem verwarmt terwijl het moet koelen Tip: O/B-draden zijn meestal oranje Sommige systemen hebben afzonderlijke O- en B-draden. De Nest Thermostat gebruikt een *OB-aansluitklem. Met deze aansluitklem kun je verschillende systeemfuncties bedienen, afhankelijk van het type systeem dat je hebt. Ga naar Aansluitklem met ster van de Nest-thermostaat voor meer informatie. |
| E |
Sommige thermostaten hebben een E-aansluiting. Met de E-draad zet je de noodverwarming aan of uit. Noodverwarming wordt meestal gebruikt als het buiten te koud is om je huis warm te houden met je normale verwarming. |
| Y2 |
De Y2-draad regelt de 2e fase van koeling in conventionele systemen, waardoor je huis sneller kan worden gekoeld. In warmtepompsystemen regelt de Y2-draad de 2e fase van de compressor, waardoor je huis sneller kan worden verwarmd of gekoeld. |
| AUX |
Warmtepompsystemen hebben soms hulpverwarming om je huis sneller te verwarmen of om je huis te verwarmen als het buiten te koud is voor je warmtepomp. |
| C |
De C-draad wordt ook wel de neutrale (common) draad genoemd. Deze draad verbindt je systeem met de neutrale aarding en kan de thermostaat van stroom voorzien. Opmerking: Als je systeem niet genoeg consistente stroom kan leveren aan je Nest-thermostaat, moet je misschien een C-draad of de Nest Power Connector aansluiten om stroomgerelateerde problemen op te lossen. |
| W2 |
De W2-draad kan verschillende typen verwarming regelen, afhankelijk van het type systeem dat je hebt. Wat je moet doen als je thermostaat 2 labels heeft Als je een conventioneel systeem hebt In sommige koude gebieden heb je misschien een brander met verschillende verwarmingsniveaus, laag en hoog, om je huis snel te verwarmen als het buiten erg koud is. De draad in de W2-aansluiting regelt de 2e verwarmingsfase. Meer informatie over systemen met meerdere fasen Als je een warmtepomp hebt Als je een warmtepomp hebt, kan de W2-draad je hulpverwarming regelen. Hulpverwarming verwarmt je huis als het buiten te koud is om de warmtepomp efficiënt te laten werken. Meer informatie over hulpverwarming In sommige warmtepompsystemen kan de W2-draad een afzonderlijke brander bedienen om je huis te verwarmen. Deze typen systemen worden hybridesystemen genoemd omdat de warmtepomp en de brander verschillende warmtebronnen gebruiken. |
Als je deze draden aan je thermostaat vindt, moet je misschien contact opnemen met een lokale professional om de functie van de bedrading van je thermostaat te laten verifiëren.
In sommige gevallen kun je met de app doorgaan met de bedrading van je Nest-thermostaat, zelfs als je een of meer van de draden hieronder hebt. Sommige of alle van deze draden worden dan uitgesloten van het bedradingsschema, omdat bepaalde functies niet worden ondersteund. Probeer geen draden aan te sluiten die zijn uitgesloten van het bedradingsschema van de app. Niet-ondersteunde draden die onjuist zijn geïnstalleerd, kunnen je thermostaat of je systeem beschadigen.
Ga naar Aansluitklem met ster van de Nest Thermostat voor informatie over de aansluitklem met ster van de Nest Thermostat.
| Draadlabel | Beschrijving |
| S, S1 of S2 |
De Nest-thermostaat heeft deze draden niet nodig. Installeer de Nest-thermostaat zonder deze draden. Draden met het label S of S1 kunnen indicatielampjes of sensordraden zijn. De Nest-thermostaat gebruikt het lcd-scherm in plaats van een indicatielampje en krijgt sensorinformatie, zoals de weersomstandigheden buiten, via wifi. |
| L |
De Nest Thermostat heeft deze draad niet nodig. Draden met het label L kunnen indicatielampjes zijn. De Nest Thermostat gebruikt het lcd-scherm in plaats van een indicatorlampje. |
| G2 of GM |
Vereist hulp van lokale professional. Sommige verwarmings- en koelingssystemen hebben ventilatoren met meerdere snelheden. Een G2- of GM-draad regelt de 2e snelheid van de ventilator van je systeem. |
| G3 of GH |
Vereist hulp van lokale professional. Sommige verwarmings- en koelingssystemen hebben ventilatoren met meerdere snelheden. Een G3- of GH-draad kan de 2e of 3e snelheid van de ventilator van je systeem regelen. Je professional kan je vertellen welke snelheid deze draad regelt. |
| O |
Je hebt misschien lokale professional-hulp nodig als je zowel een O-draad als een B-draad hebt. De O- en B-draden bepalen wanneer je warmtepomp je huis verwarmt of afkoelt. |
| B |
Je hebt misschien lokale professional-hulp nodig als je zowel een O-draad als een B-draad hebt. De O- en B-draden bepalen wanneer je warmtepomp je huis verwarmt of afkoelt. In sommige installaties kan de gemeenschappelijke draad zijn vermomd als een B-draad. Hoe je weet of je B-draad een gemeenschappelijke draad is Tip: C-draden zijn meestal blauw |
| W3 |
Hiervoor is misschien hulp van lokale professional nodig. In sommige systemen regelt de draad in de W3-aansluiting het 3e verwarmingsstadium. Deze draad kan ook je noodverwarming regelen. Als je niet zeker weet welk type verwarming je hebt, neem je contact op met een lokale professional. |
| W/E |
De W-draad regelt je verwarmingssysteem, terwijl de E-draad je Noodverwarming aan- of uitzet. Gebruik de W- of E-draad afzonderlijk, maar niet tegelijkertijd. Belangrijk: Sluit geen overbruggingsdraden aan op de Nest Thermostat.
|
| H of HUM of HUM1 |
Vereist hulp van lokale professional. Deze draad bedient de luchtbevochtiger in je huis. Als je systeem een luchtbevochtigerdraad of meer dan één luchtbevochtigerdraad heeft, moet je de installatie door een professional laten uitvoeren. |
| H2 of HUM2 |
Vereist hulp van lokale professional. Sommige luchtbevochtigers gebruiken 2 draden om aan of uit te gaan. Je kunt maar één luchtbevochtigerdraad aansluiten op je Nest-thermostaat. Je Nest Pro kan bepalen hoe je de luchtbevochtiger installeert. |
| D of DH of DHUM of DEHUM1 |
Vereist hulp van lokale professional. Deze draad regelt de luchtontvochtiger in je huis. Als je systeem een ontvochtigerdraad of meer dan één ontvochtigerdraad heeft, moet je de installatie door een professional laten uitvoeren. |
| DH2 of DHUM2 of DEHUM2 |
Vereist hulp van lokale professional. Sommige ontvochtigers gebruiken 2 draden om aan of uit te gaan. Je kunt maar één ontvochtigerdraad aansluiten op je Nest-thermostaat. Je Nest Pro kan bepalen hoe je de ontvochtiger installeert. |
| ACC+ en U |
ACC+ is hetzelfde als de AQ+-klem die de luchtbevochtiger, ontvochtiger of het ventilatiesysteem bedient. Deze draden worden meestal aangesloten op accessoires voor een niet-Nest-thermostaat. Je kunt ook contact opnemen met de fabrikant van je vorige thermostaat om de draden goed te identificeren. |
| Anders |
Vereist hulp van lokale professional. Als je een draadlabel vindt dat hier niet wordt vermeld of als je een draad vindt met het label Overig, neem je contact op met een professional om de compatibiliteit te checken en je thermostaat te laten installeren. |
Als deze draden aan je thermostaat zijn aangesloten, is je systeem niet geschikt voor de Nest-thermostaat.
| Draadlabel | Beschrijving |
| Y3 | Y3-draden duiden op een systeem met 3 koelfasen. De Nest-thermostaat ondersteunt geen 3 koelingfasen. |
| 1 2 3 4 |
Draadlabels zoals 1 2 3 en 4 duiden op een fabrikantspecifiek systeem. Fabrikantspecifieke systemen werken alleen met thermostaten die door dezelfde fabrikant zijn gemaakt. Maar sommige fabrikantspecifieke systemen beschikken ook over de optie om de standaardbedrading voor het verwarmingssysteem te gebruiken. Neem contact op met een lokale professional en vraag of je eigen systeem opnieuw kan worden aangesloten zodat het geschikt is voor de Nest-thermostaat. |
| A B C D |
Draadlabels zoals A, B, C en D duiden op een fabrikantspecifiek systeem. Fabrikantspecifieke systemen zijn zo ontworpen door de fabrikant dat ze niet met andere thermostaten werken. |
| V of VR | Deze typen draden werken niet met de Nest Thermostat. |
| Water of H2O | Deze typen draden werken niet met de Nest Thermostat. |