Resourcerecords

Google Domains ondersteunt DNS-resourcerecords en DNS-wildcardrecords. Al deze records bevatten de velden Naam/Type/TTL/Gegevens (zie Over resourcerecords).

Resourcerecords en naamservers

Houd er rekening mee dat de records die je configureert in Google Domains alleen werken als je de Google-naamservers gebruikt. Als je aangepaste naamservers gebruikt, wordt er boven aan het gedeelte DNS een bericht weergegeven en moet je je resource- en wildcardrecords configureren bij je DNS-provider.

Meer over resourcerecords

Recordsets

Google Domains groepeert records in sets om ze makkelijker te kunnen weergeven en beheren. Een recordset bestaat uit een of meer records met dezelfde naam, hetzelfde type en dezelfde TTL, maar met verschillende gegevenswaarden.

Wanneer je een record maakt en er al een set met dezelfde naam en hetzelfde type bestaat, wordt de record toegevoegd aan deze overeenkomende set en wordt de TTL geüpdatet. Als er geen overeenkomende set bestaat, wordt een nieuwe set gemaakt die wordt toegevoegd aan de lijst met recordsets.

Resourcerecords

DNS-bronrecords bevatten informatie over je domein en definiëren de componenten die je domein ondersteunen. Bronrecords worden opgeslagen met naamservers en worden geraadpleegd tijdens DNS-zoekopdrachten. Voor meer informatie en voorbeelden ga je naar Over resourcerecords.


Je voegt resourcerecords als volgt toe:

  1. Log in bij Google Domains.
  2. Selecteer de naam van je domein.
  3. Klik in het linkernavigatievenster op DNS.
  4. Scrol naar het gedeelte Aangepaste resourcerecords.
  5. Gebruik het pictogram + en de knop Toevoegen om veldwaarden toe te voegen aan het grijze vak.


Je bewerkt resourcerecords als volgt:

  1. Klik op de knop Bewerken naast een set. Hierdoor kun je alle records in de set bewerken.

  2. Klik op het pictogram + om een record toe te voegen. Klik op het pictogram x om één record te verwijderen.
  3. Klik op de knop Opslaan.

    (Zoals hierboven is aangegeven, kun je ook een record toevoegen met behulp van het grijze vak. De record wordt toegevoegd aan de overeenkomende set als die bestaat.)

Opmerking: Als je een bronrecord wijzigt, wordt de wijziging op zijn laatst pas doorgevoerd na de duur van de TTL. Wanneer je een nieuwe bronrecord toevoegt, is deze na ongeveer vijf minuten zichtbaar voor internetgebruikers.


Je verwijdert resourcerecords als volgt:

  1. Klik op de knop Verwijderen om alle records in de set te verwijderen.
  2. Klik in de pop-up opnieuw op Verwijderen om je keuze te bevestigen.

    (Zoals hierboven is aangegeven, verwijder je één record met behulp van de knop Bewerken en het pictogram x.)

Wildcardrecords

DNS-wildcardrecords worden gebruikt om een of meer subdomeinen overeen te laten komen. Dit geldt alleen als deze subdomeinen geen enkele gedefinieerde bronrecord hebben. Je kunt wildcardrecords maken voor DNS-bronrecords en synthetische records voor Google Domain. Voor meer informatie en voorbeelden ga je naar Over wildcardrecords.

Over NS-resourcerecords (naamserver)

Houd rekening met de volgende aspecten van NS-resourcerecords:

  • NS-resourcerecords die je hoofddomein identificeren (@ of example.com): Je maakt deze records niet en ze worden ook niet weergegeven in het gedeelte Aangepaste resourcerecords onder DNS. Ze worden namelijk voor je beheerd door Google Domains als je de Google-naamservers gebruikt of door je DNS-provider als je custom naamservers gebruikt. Alleen de naamserver-ID (ns-zdns-dev-1.prod.google.com) wordt weergegeven in het gedeelte Naamservers onder DNS. Je kunt wel de ID wijzigen (overschakelen van Google-naamservers naar custom naamservers), maar niet de NS-records zelf. Zie Naamservers voor meer informatie.
  • NS-resourcerecords die je subdomeinen identificeren (info.example.com, support.example.com): Je maakt deze records door het type NS te selecteren in het gedeelte Aangepaste resourcerecords onder DNS. Zodra ze zijn gemaakt, worden deze records weergegeven onder het gedeelte Aangepaste resourcerecords en kun je ze bewerken of verwijderen.
Was dit artikel nuttig?
Hoe kunnen we dit verbeteren?