Een afbeelding invoegen

Ga als volgt te werk om een afbeelding in te voegen in een document, spreadsheet of presentatie:

  1. Klik in de werkbalk op het dropdown-menu Invoegen en selecteer Afbeelding.
  2. Maak uw keuze uit de volgende opties, afhankelijk van de afbeelding die u wilt toevoegen:
    • Uploaden: kies een afbeelding op uw computer en klik vervolgens op de knop Selecteren.
    • Een foto nemen: gebruik uw webcam om een afbeelding vast te leggen voor gebruik in uw document.
    • Via URL: typ de URL van een afbeelding op internet en klik op Selecteren.
    • Uw albums: kies een afbeelding uit een van uw fotoalbums op internet.
    • Google Drive: kies een afbeelding uit Google Drive.
    • Zoeken: zoek in het stockfotoarchief, het Google-archief of het Life-archief en selecteer een afbeelding.
  3. Als u gevonden heeft wat u zoekt, klikt u op de afbeelding en vervolgens op de knop Selecteren.

Als u de afbeelding uit het bestand wilt verwijderen, klikt u op de afbeelding en drukt u vervolgens op de toets Delete.

U kunt afbeeldingen in de volgende bestandsindelingen toevoegen: .gif (zonder animatie), .jpg en .png. Afbeeldingen moeten kleiner dan 2 MB zijn. Het is nog niet mogelijk om op mobiele apparaten afbeeldingen in te voegen in bestanden.

Afbeeldingen slepen vanaf uw computer of internet

U kunt afbeeldingen vanaf uw desktopcomputer of internet naar uw document of presentatie slepen. Klik hiervoor op de afbeelding die u wilt toevoegen en sleep deze naar uw bestand. Het kan even duren voordat de afbeelding in het bestand wordt weergegeven. Deze functie is (nog) niet beschikbaar voor spreadsheets.

Afbeeldingen vanuit desktopapplicaties kopiëren en plakken

Als u een afbeelding kopieert wanneer u in een desktopapplicatie werkt, kunt u deze rechtstreeks in uw document of presentatie plakken. Nadat u de afbeelding heeft geplakt, kan het even duren voordat deze wordt weergegeven.

U kunt alleen afbeeldingen slepen of plakken die kleiner zijn dan 2 MB en die een van de volgende extensies hebben: .gif, .jpg en .png.

Opmerking: Deze functie is (nog) niet beschikbaar voor spreadsheets.

Lay-out van afbeeldingen

Met de lay-outopties voor afbeeldingen kunt u de positie van de tekst ten opzichte van afbeeldingen of tekeningen in uw documenten bepalen. U kunt momenteel kiezen uit drie beschikbare lay-outopties:

  • Tekstomloop: de tekst loopt rond de afbeelding en komt net zo dichtbij als door de marges is toegestaan. U kunt de marges van een afbeelding instellen door dit type lay-out te selecteren en vervolgens een margegrootte te kiezen uit het dropdown-menu.
  • Tekst onderbreken: de afbeelding staat op zichzelf en de tekst kan links of rechts van de afbeelding worden weergegeven.
  • Inline: de afbeelding staat op de regel met de tekst.
Afbeeldingen verplaatsen en het formaat aanpassen met sneltoetsen

Een afbeelding met een vaste positie verplaatsen:

  • Druk op ←, ↑, → of ↓ om uw afbeelding met 1 cm te verschuiven.
  • Druk op Shift en houd een pijltoets ingedrukt om uw afbeelding met een vaste positie met 1 punt te verplaatsen.

Het formaat van uw afbeelding aanpassen:

  • Druk op Ctrl + < of Ctrl + > om het formaat van de afbeelding aan te passen. (Op een Mac gebruikt u ⌘ en niet Ctrl.) Hierdoor wordt het formaat van de afbeelding aangepast net zoals wanneer u een van de hoeken sleept.
  • Elke keer dat u op Ctrl + < of Ctrl + > drukt, vergroot of verkleint u de afbeelding met 0,25 cm.
Meer informatie over sneltoetsen
Een afbeelding vervangen

Als u een afbeelding in een document, spreadsheet, presentatie of tekening door een andere afbeelding wilt vervangen, kunt u dit doen zonder de algemene grootte, lay-out en andere kenmerken van de oorspronkelijke afbeelding te wijzigen.

  1. Open het bestand.
  2. Selecteer de afbeelding die u wilt vervangen.
  3. Klik in een document, presentatie of tekening met de rechtermuisknop en selecteer Afbeelding vervangen. Klik in een spreadsheet op de dropdown-pijl in de rechterhoek van de afbeelding en selecteer Afbeelding vervangen.
  4. Kies de afbeelding die de oorspronkelijke afbeelding moet vervangen en klik op Selecteren.
  5. De nieuwe afbeelding vervangt de oorspronkelijke afbeelding, met behoud van de algemene grootte, lay-out en opmaak.
Een video invoegen in een presentatie

U kunt een video van YouTube toevoegen aan uw presentatie. Voer hiervoor de onderstaande stappen uit.

De video wordt in uw presentatie weergegeven. Nadat u een video heeft gestart, kunt u deze maximaliseren naar de volledige grootte van een dia door te klikken op het pictogram voor volledig scherm in de rechterbenedenhoek van de video.

  1. Ga naar het menu Invoegen en selecteer Video.
  2. Zoek vervolgens een video die u wilt invoegen of voer een URL van YouTube in.
  3. Nadat u een video heeft geselecteerd, vinkt u het vakje naast de miniatuur van de video aan en klikt u op Video invoegen.
Een afbeelding invoegen in een cel van een spreadsheet

Als u een afbeelding in een cel wilt invoegen, kunt u één van de volgende vier opties gebruiken:

  • =image("URL") of =image("URL", 1): als u deze formule invoegt in een cel, wordt de afbeelding geschaald om binnen de geselecteerde cel te passen. Als de cel groter is dan de afbeelding die u invoegt, blijft de rest van de cel wit.
  • =image("URL", 2): als u deze formule invoegt, wordt de afbeelding uitgerekt om binnen de geselecteerde cel te passen. De beeldverhouding (hoogte versus breedte) van de afbeelding blijft niet behouden.
  • =image("URL", 3): met deze formule wordt de afbeelding in het oorspronkelijke formaat in de cel ingevoegd. Als de afbeelding groter is dan de cel, wordt mogelijk een deel van de afbeelding afgesneden.
  • =image("URL", 4, hoogte, breedte): als u deze formule invoegt, kunt u de grootte van de afbeelding aanpassen door de hoogte en breedte van de afbeelding op te geven in pixels. Voor deze optie zijn de hoogte- en breedteparameters vereist.

De afbeelding in de cel kan op vele manieren worden uitgelijnd, net als tekst in een spreadsheetcel. U gebruikt hiervoor de besturingselementen voor uitlijnen in de werkbalk.

Verwante onderwerpen