Gedrag

Over gebeurtenissen

Een overzicht van website-interactie tracking en gebeurtenisrapporten.

Gebeurtenissen zijn gebruikersinteracties met inhoud op een webpagina of een scherm die afzonderlijk kunnen worden bijgehouden. Downloads, klikken op mobiele advertenties, gadgets, Flash-elementen, ingesloten AJAX-elementen en weergaven van video-inhoud zijn voorbeelden van acties die u als gebeurtenissen kunt bijhouden.

Website-interactie tracking instellen

Website-interactie tracking is beschikbaar voor zowel web- als app-property's, maar vereist aanvullende technische instellingen die door een gekwalificeerde ontwikkelaar moeten worden uitgevoerd.

Volg de instructies in de Handleiding voor ontwikkelaars voor uw specifieke omgeving voor informatie over het instellen van website-interactie tracking:

Pas nadat website-interactie tracking is ingesteld, verschijnen er gegevens in de gebeurtenisrapporten.

Hoewel het instellen van website-interactie tracking wat meer moeite kost, raden we u toch aan deze functie te gebruiken. Gebeurtenissen zijn een flexibele manier om gegevens te verzamelen over specifieke interacties op uw site of app die niet op enig andere manier worden bijgehouden.

Gebeurteniscomponenten

Nadat u website-interactie tracking voor uw website of mobiele platform heeft ingesteld, verschijnen uw gegevens in de gebeurtenisrapporten. Bekijk het menu 'Gebeurtenisrapporten' onder de categorie Gedrag in uw rapportageweergaven.

Wanneer u website-interactie tracking instelt, kunt u maximaal vijf van de volgende componenten definiëren en deze koppelen aan afzonderlijke gebeurtenissen:

Categorie: de primaire verdelingen van de typen gebeurtenissen die uw site bevatten. Categorieën vormen de basis van website-interactie tracking en zijn de primaire methode voor het sorteren van gebeurtenissen in uw rapporten. Video's en Downloads zijn goede voorbeelden van categorieën, maar u kunt ze zo specifiek of algemeen maken als uw inhoud vereist.

Actie: een beschrijvingselement voor een bepaalde gebeurteniscategorie. U kunt elke tekenreeks gebruiken om een actie te definiëren en daarbij dus zo specifiek zijn als nodig is. Zo kunt Afspelen of Onderbreken definiëren als acties voor een video. U kunt ook een specifiekere actie instellen met de naam Video bijna voltooid die wordt geactiveerd op het moment dat de afspeelregelaar van een video 90 procent van de videoduur heeft bereikt.

Label: een optioneel beschrijvingselement dat u kunt gebruiken voor nauwkeuriger afstemming. U kunt elke tekenreeks opgeven voor een label.

Waarde: een numerieke variabele. U kunt expliciete waarden gebruiken, zoals 30, of op afgeleide waarden gebaseerde variabelen die u elders definieert, zoals downloadTijd.

Impliciete telling: een telling van het aantal interacties met een gebeurteniscategorie. Impliciete telling komt niet voor in de standaard Google Analytics-rapporten, maar u heeft toegang tot deze gegevens via API.

De waarden voor deze onderdelen worden weergegeven in de gebeurtenisrapporten. Hoe geordender u deze rapporten instelt, hoe gemakkelijker u uw rapporten kunt lezen en interpreteren. In uw rapporten zijn de titels van afzonderlijke gebeurtenissen gebaseerd op deze onderdeelnamen. Zo wordt een gebeurtenis in de categorie Video's met de actie Afspelen en het label Grappig in uw rapporten weergegeven als Video's + Afspelen + Grappig.

Ga naar het gedeelte Anatomie van website-interactie tracking in de Handleiding voor ontwikkelaars voor meer informatie over deze onderdelen.

De methoden _trackPageview en trackView gebruiken

Als alternatief voor website-interactie tracking kunt u gegevens verzamelen voor enkele inhoudselementen met behulp van de methode _trackPageview (webproperty's) of trackView (apps). Met deze methoden kunt u wijzigingen in zichtbare inhoud bijhouden, zelfs wanneer de pagina of het scherm niet is gewijzigd.

We adviseren u gebeurtenissen te gebruiken voor het bijhouden van gebruikersinteracties, zoals klikken op een videospeler, en de webmethode _trackPageview of de appmethode trackView te gebruiken voor het bijhouden van verschillende inhoud die op dezelfde webpagina of hetzelfde appscherm wordt weergegeven. Het bijhouden van verschillende stappen in een formulier, waarbij de URL of het hoofdscherm in uw app niet verandert, is een typisch voorbeeld van wanneer _trackPageview of trackView wordt gebruikt.

Inhoud die met deze methode wordt bijgehouden, verschijnt als een pagina- of schermweergave in uw rapporten, maar niet in uw gebeurtenisrapport of stroomrapport 'Gebeurtenissen'.